logo

Nederlanders verdeeld over vluchtelingen

30 juni 2016

Burgerperspectieven 2016|2


•    Immigratie blijft met afstand de grootste maatschappelijke kwestie
•    Het thema ‘vluchtelingen’ zorgt voor verdeeldheid en twijfel in de publieke opinie
•    Bezorgdheid over aantallen vluchtelingen en druk op Nederlandse voorzieningen
•    Opvang onder voorwaarden: beperkte groep, evenredig en kleinschalig

•    Nederlanders zijn positief over de economie en negatief over de politiek
•    Steun voor overheidsuitgaven voor bestrijden terrorisme groeit
•    Nederlanders zijn optimistisch in vergelijking met andere landen

Dit zijn enkele belangrijke uitkomsten van het tweede kwartaalbericht van 2016 over het Continu Onderzoek Burgerperspectieven (COB). Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) besteedt hierin aandacht aan de stemming in Nederland en opvattingen over politieke en maatschappelijke kwesties. Speciale aandacht is er dit kwartaal voor de publieke opinie over de komst en opvang van vluchtelingen in Nederland.

Immigratie blijft met afstand de grootste maatschappelijke kwestie

De bezorgdheid over de komst en opvang van vluchtelingen blijft groot. Immigratie en integratie is voor het derde kwartaal op rij het meest genoemde maatschappelijke probleem. 56% noemt dit thema spontaan als gevraagd wordt naar de belangrijkste problemen in Nederland. Andere vaak genoemde problemen zijn de manier van samenleven, de zorg, inkomen en economie en politiek en bestuur.

Verdeeldheid en worsteling in de publieke opinie

De meningen over vluchtelingen zijn sterk verdeeld. Er zijn (soms felle) tegenstanders die negatieve effecten vrezen van de komst van vluchtelingen. Er zijn voorstanders van de opvang van vluchtelingen die eerder de afwijzende houding van anderen vrezen. En er is een middengroep die neutraal is, twijfelt, of het eigenlijk niet goed weet. Veel mensen (niet alleen die middengroep) worstelen met het onderwerp. Ze kennen de argumenten voor en tegen en kunnen zich bij beide kanten wel wat voorstellen. Ze vinden dat opvang een morele plicht is én maken zich zorgen over hoe het verder moet. Mensen hebben gemengde gevoelens en opvattingen over het onderwerp.

Zorg over aantallen vluchtelingen, culturele verschillen en druk op voorzieningen

55% vindt dat er te veel vluchtelingen komen, 56% wil niet meer vluchtelingen opnemen en 63% denkt dat onder asielaanvragers in Nederland veel economische vluchtelingen zijn. De groep die de grenzen zou willen sluiten is met 24% in de minderheid.
Mensen die zich zorgen maken zijn ongerust over de grote aantallen en over de grote culturele verschillen. Velen willen niet dat de komst van vluchtelingen ten koste gaat van Nederlanders. Ze vinden het onrechtvaardig als vluchtelingen geld en woningen krijgen, terwijl andere kwetsbare groepen niet geholpen worden.

Opvang onder voorwaarden: beperkt, evenredig en kleinschalig

63% vindt het onze morele plicht om mensen toe te laten die vluchten voor oorlog en vervolging (15% vindt dat niet, 22 is neutraal). Sommigen verbinden voorwaarden aan die morele plicht. Zo willen ze dat Nederland alleen politieke vluchtelingen opneemt, dat die opvang liefst tijdelijk is en dat andere landen ook mensen opvangen. Men heeft een sterke voorkeur voor kleinschalige opvang. Anderen stellen geen voorwaarden en vinden dat we moreel verplicht zijn om te zorgen voor de medemens of hanteren het principe van wederkerigheid (‘ik zou ook geholpen willen worden’).

Positief over de economie, negatief over de politiek

Het overkoepelende beeld van de stemming in Nederland is stabiel. 69% is voldoende tevreden over de economische situatie, 71% verwacht hierin de komende twaalf maanden geen verslechtering. Hoewel de economische stemming de afgelopen kwartalen licht verslechterde, is men in vergelijking met eerdere jaren positief. Het politieke vertrouwen daalt sinds eind 2014 en met 45% voldoende vertrouwen in de Tweede Kamer en 41% in de regering zijn we nu op het derde (voorlopige) dieptepunt sinds begin 2008 beland, na laagste scores medio 2012 en in de tweede helft van 2013.

Meer steun voor overheidsuitgaven aan bestrijding terrorisme

Sinds eind 2015 is de steun voor uitgaven aan bestrijding van terrorisme in Nederland sterk gestegen: 61% wil er meer geld aan uitgeven. Het is echter niet het terrein waar men het meest aan wil uitgeven. Bovenaan de prioriteitenlijst staan werkgelegenheid, armoedebestrijding, gezondheidszorg en onderwijs. Onderaan de lijst staan kunst en cultuur, ontwikkelingssamenwerking en internationale missies.

Optimistische stemming in vergelijking met andere landen

Als mensen in het COB de richting van Nederland ‘al met al’ moeten beoordelen, vindt 60% het de verkeerde kant op gaan en 28% de goede kant. De percentages tonen schommelingen, maar er is trendmatig wel een lichte stijging van het optimisme sinds begin 2008. Bij mensen met een benedenmodaal inkomen is die trend er niet.   Om de stemming in Nederland te kunnen vergelijken met die in andere landen, maken we gebruik van de Eurobarometer. In dat onderzoek zijn Nederlanders positiever over de richting van het land dan in het COB, waarschijnlijk vooral doordat men in het Europese onderzoek Nederland meer vergelijkt met andere landen. Dan zijn er eind 2015 ongeveer evenveel mensen die het met het land eerder de goede kant op vinden gaan (40%) als die het de verkeerde kant op zien gaan (38%). In Europa is Nederland een relatief optimistisch land. In de meeste landen zijn er duidelijk meer pessimisten dan optimisten. Het meest extreem is Griekenland, waar 77% het de verkeerde kant op vindt gaan en slechts 8% de goede kant op.

Voor het COB wordt sinds 2008 elk kwartaal een enquête gehouden onder 1000 Nederlanders. Daarnaast zijn er focusgroepen (vanaf 2013 in de even kwartalen) en telefonische vervolginterviews (in de oneven kwartalen). De enquête is dit kwartaal gehouden tussen 1 april en 3 mei. Het onderzoek wordt uitgevoerd voor het kabinet op verzoek van de Voorlichtingsraad. Voor het kwartaalbericht maakt het SCP daarnaast gebruik van ander opinieonderzoek. De onderzoekers zijn Josje den Ridder, Wouter Mensink, Paul Dekker en Esther Schrijver.

Home / Nieuws / Nederlanders verdeeld over vluchtelingen

Menu