logo

Het onderste kwart

Werk en werkloosheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt

Het onderste kwart_web
01 maart 2013, pdf, 31MB
Auteur(s)
Paul de Beer
Publicatiedatum
03 juni 1996
Trefwoorden
ArbeidsmarktpositieNiet-Westerse MigrantenOpleidingsniveauSociaal-economische positieWerkloosheid
Aantal pagina's
356
ISBN/ISSN/anders
978 90 5250 922 8
Reeks
Cahier
Volgnummer
132

Wordt de hardnekkige  werkloosheidvan laag opgeleiden  en allochtonen veroorzaaktdoor de omvangrijke afbraak van werkgelegenheidaan de 'onderkant' van de arbeidsmarktof moet de oorzaak  elders worden  gezocht?  Deze vraag staat centraal  in het Cahier  Het onderste kwart.

Daarnaast  wordt  een antwoordgegeven op de vraag wie er werkt aan de onderkant van de arbeidsmarkten wat zijn/haar perspectieven zijn.

In het rapport  wordt  het begrip 'onderkantvan de arbeidsmarkt' breed geïnterpreteerd.Het kan zowel laag betaald  werk als laag gekwalificeerd werk betreffen,  maar ook flexibel werk en werk met slechte  arbeidsomstandigheden.

Allereerst wordt  de situatie  aan de onderkantvan de arbeidsmarkt beschreven. Hierbij komen de volgende onderdelenaan de orde.
-   De vraagzijde  van het onderstesegment  van de arbeidsmarkt.Wat voor soort banen  bevindt zich aan de onderkantvan de arbeidsmarkt?Hoe heeft hun aantal zich de afgelopen  decennia ontwikkeld?
-   De aanbodzijdevan de onderkant:langdurig werklozen  en werkendenaan de onderkantvan de arbeidsmarkt.Welke categorieënin de beroepsbevolking lopen het hoogste  risico op (langdurige)  werkloosheid?
-   De mobiliteit  aan de onderkant van de arbeidsmarkt.Welke werklozen  slagen erin om werk te vinden? Komen werklozen  voornamelijk  in banen aan de onderkantvan de arbeidsmarkt terecht?Stromen  werkendenaan de onderkant van de arbeidsmarktna verloop van tijd door  naar een baan in een hoger arbeidsmarktsegmentof raken zij hun baan weer kwijt?

Daarna wordt een verklaring gezocht  voor de beschreven  verschijnselen.Zijn laag opgeleide  werklozen  te duur of worden  zij verdrongendoor  hoger opgeleiden?  Wat is de rol van de technologischeontwikkeling  en van de concurrentievan de lage­ lonenlanden?Zoeken werklozen  wel genoeg en zijn zij bereid om ook minder aantrekkelijk  werk te accepteren?

Ten slotte wordt  nagegaan  welke beleidsconsequentiesde voorgaandeanalyse heeft.

 

Menu