U bevindt zich op: Home / Publicaties / Alle publicaties / Publicaties 1999 / Scholen onder druk
Scholen voor basis- en voortgezet onderwijs zijn de afgelopen 15 jaar
geconfronteerd met een opeenstapeling van eisen, wensen en verwachtingen,
niet alleen van de rijksoverheid, maar ook van maatschappelijke
organisaties, van ouders en sinds kort ook van gemeenten. Het gaat om eisen
en wensen ten aanzien van de inhoud van het onderwijs, de
pedagogisch-didactische aanpak, de onderwijsresultaten van zowel de
leerlingen als de school, samenwerking met voorschoolse en buitenschoolse
voorzieningen en de positie van ouders.
De vele claims komen voort uit uiteenlopende overwegingen, bijvoorbeeld
maatschappelijke (achterstanden, werkende ouders), economische
(kostenbeheersing, doelmatigheid), ideologische (gelijke kansen, een
gemeenschappelijk onderwijsaanbod) en bestuurlijke (autonomie,
verantwoording en meer invloed van ouders) en staan daarom nogal eens op
gespannen voet met elkaar. Eisen en wensen van de overheid lopen ook lang
niet altijd parallel aan de wensen van de ouders. De diversiteit in
gezinsomstandigheden en opvoedingspraktijken is de afgelopen jaren sterk
toegenomen. Gezinnen verschillen niet alleen in schoolvoorbereidend en
schoolondersteunend gedrag of in betrokkenheid bij en belangstelling voor de
school, maar ook qua gebruik dat kinderen maken van kinderopvang of van
sportieve of culturele activiteiten na schooltijd. Kinderen die met het oog
op hun cognitieve en sociale ontwikkeling de meeste baat zouden hebben bij
dit soort activiteiten, nemen er het minst aan deel. Ook over de taak van de
school zijn er uiteenlopende opvattingen.
Op lokaal niveau worden er de laatste tijd steeds meer functies aan de
school toegedacht. Veel gemeenten werken aan een preventief en/of integraal
jeugdbeleid, veiligheidsbeleid, integratiebeleid of sociaal beleid. De
school neemt in die beleidsplannen vaak een centrale plaats in. In de
toerusting van scholen (personeel, materieel, huisvesting) was er de
afgelopen decennia sprake van stagnatie, terwijl de condities waaronder
scholen moeten werken complexer zijn geworden (schaalvergroting, toenemende
concurrentie, meer eigen verantwoordelijkheid, veranderende
leerlingenpopulatie, mondiger ouders). Scholen staan onder druk als gevolg
van toenemende en soms tegenstrijdige eisen enerzijds en beperkte
mogelijkheden en moeilijker condities anderzijds. Overheden proberen de druk
te verlichten door verbeteringen aan te brengen in de toerusting (bv.
klassenverkleining, ict) of door op lokaal niveau samenwerking tussen
scholen en andere instellingen te bevorderen (brede school). Verbeteringen
in de toerusting brengen meestal hoge kosten met zich mee. Condities vallen
door de overheid slechts ten dele te beïnvloeden. De druk kan ook worden
verminderd door prioriteiten te stellen in de beleidsambities en door van
overheidswege duidelijker aan te geven tot hoever de verantwoordelijkheid
van de school reikt.
De studie werd ingegeven door bezorgdheid over de positie van scholen. Uit rapporten van de onderwijsinspectie en uit onderzoek blijkt telkens weer hoe groot de afstand is tussen de beleidsambities en de dagelijkse onderwijspraktijk. Als gevolg van alle eisen, wensen en verwachtingen dreigt de kerntaak van de school - het geven van goed onderwijs - in het gedrang te komen. De studie mondt uit in een model waarin de verschillende verantwoordelijkheden van overheden (rijk en gemeente), scholen, ouders en buitenschoolse instellingen duidelijk worden afgebakend. Doel van de studie is daarover een discussie los te maken.