U bevindt zich op: Home / Publicaties / Alle publicaties / Publicaties 2005 / Maten voor gemeenten 2005
Maten voor gemeenten 2005 geeft - op landelijk niveau - een overzicht van de prestaties van gemeenten, en hoeveel die kosten. De analyses hebben betrekking op de periode 1997-2002. Het is inmiddels de derde keer dat de gemeenten kwantitatief en integraal de maat wordt genomen als producent van diensten.
Het rapport laat zien dat de totale uitgaven van gemeenten in de
betreffende periode (na correctie voor inflatie) stijgen met gemiddeld 1,9%
per jaar. De groei wordt gedempt door het afstoten van een aantal taken op
het terrein van volkshuisvesting en zorg. Ook het aantal bijstandsontvangers
in de betreffende periode is gedaald. Met name 2002 was een piekjaar, met een
sterke groei van de uitgaven en de personeelssterkte, in contrast met de
toenmalige conjuncturele terugslag in de marktsector.
De ontwikkeling van de prestaties van gemeenten blijft daarentegen circa 1,9%
per jaar achter bij de reële stijging van de uitgaven. Dit komt doordat de
prijzen van collectieve diensten sneller stijgen dan die in de marktsector.
Bij gemeenten is dit onder meer verklaarbaar door een daling van de
arbeidsproductiviteit, door de loonontwikkeling en door een toename van de
kapitaallasten, materiële uitgaven en uitbestedingen.
Per saldo is er dus feitelijk nauwelijks sprake van groei van productie.
Als het afstoten van taken en de daling van het aantal bijstandsontvangers
buiten beschouwing wordt gelaten, is er een groei van de resterende productie
opgetreden van 1,8% per jaar. Dit impliceert dat de gemeentelijke
dienstverlening in de betrokken periode redelijk op peil is gebleven.
Van de toekomstige gemeentelijke dienstverlening doemt er, mede als gevolg
van de diverse ronden van bezuiniging op collectieve uitgaven, overigens een
niet al te rooskleurig beeld op.