Dit is de belangrijkste uitkomst van het eerste kwartaalbericht van 2016 over het Continu Onderzoek Burgerperspectieven (COB).
Het SCP besteedt hierin aandacht aan de stemming in Nederland en opvattingen over politieke en maatschappelijke kwesties. Het kwartaalbericht wordt vandaag door de directeur van het SCP, Kim Putters, gepresenteerd aan alle aanwezigen van de jaarlijkse Ambassadeursconferentie, die het ministerie van Buitenlandse Zaken vandaag en morgen in Den Haag organiseert.
Overige uitkomsten van het onderzoek:
De onderzoekers vroegen mensen om in hun eigen woorden aan te geven waarover zij zich zorgen maken. 65% van de Nederlanders benoemde spontaan problemen op het gebied van immigratie en integratie. Vanaf eind 2014 namen de zorgen over immigratie en integratie langzaam toe; sinds oktober 2015 is immigratie verreweg het belangrijkste thema in de publieke opinie.
Mensen zijn ongerust over de grote toestroom van vluchtelingen en over de opvang. Sommigen vinden het onterecht dat er voor hen veel voorzieningen zijn, terwijl er de afgelopen jaren op veel andere zaken is bezuinigd. Een andere groep is bezorgd over de manier waarop Nederlanders met vluchtelingen omgaan en de maatschappelijke onrust die voortkomt uit de discussies over asielzoekerscentra.
Het aandeel Nederlanders dat vindt dat het met Nederland de goede kant op gaat, daalt van 31% in het vorige kwartaal naar 25% nu. 63% vindt het de verkeerde kant op gaan. De vluchtelingenkwestie wordt hierbij vaak aangehaald als reden.
De stemming over de economie is stabiel en positief. 71% geeft de Nederlandse economie een voldoende en 74% verwacht de komende twaalf maanden geen verslechtering. Het vertrouwen in de politiek is eveneens stabiel, maar laag. 48% heeft vertrouwen in de Tweede Kamer, 44% in de regering.
57% van de mensen zegt optimistisch te zijn over de eigen toekomst, 9% is dat niet. 52% vindt het moeilijk om hoopvol te zijn over de toekomst van de wereld. 66% is bang dat toekomstige generaties het slechter zullen krijgen. Het pessimisme over de toekomst is niet typerend voor dit moment. Ook in de jaren zeventig en tachtig was men somber over ‘de toekomst voor de mensen’.
Eén jaar na de decentralisaties van Rijksoverheidstaken naar de gemeentes, bijvoorbeeld op het gebied van zorg en huishoudelijke ondersteuning, maken Nederlanders zich nog steeds zorgen over deze ontwikkeling: 48% vindt dat er meer nadelen dan voordelen zijn; 14% ziet meer voordelen; 55% is van mening dat de decentralisaties vooral bedoeld zijn om te bezuinigen. Dat is dan meteen het meest genoemde probleem: ook mensen die de voordelen van decentraliseren (zoals maatwerk) inzien, vrezen verschraling. Op vragen over decentralisaties vullen veel mensen in het antwoord op de vraag niet te weten. Velen hebben er geen mening over of zelf geen ervaring mee; opvattingen over deze kwestie zijn niet los te zien van opvattingen over (veranderingen in de) gezondheids- en ouderenzorg in het algemeen.
Sinds de jaren zeventig blijkt er voortdurend een meerderheid voor bindende referenda. Destijds waren die vooral populair bij de kiezers van D66 en de voorlopers van GroenLinks, nu vooral bij de kiezers van SP en PVV.
Steun voor meer directe democratie is er vaker bij lager- (74%) en middelbaar opgeleiden (66%) dan bij hogeropgeleiden (56%). Het verlangen naar meer directe democratie hangt sterk samen met politieke onvrede en ook met afkeer van de Europese Unie. Van de voorstanders van het EU-lidmaatschap is 55% voor meer directe democratie, van de tegenstanders is 86% dat. 79% van de mensen die onvoldoende vertrouwen hebben in de Tweede Kamer is voor meer directe democratie, onder mensen die voldoende vertrouwen hebben is dat 54%.
Voor het COB wordt sinds 2008 elk kwartaal een enquête gehouden. Daarnaast zijn er focusgroepen (vanaf 2013 in de even kwartalen) en telefonische vervolginterviews (in de oneven kwartalen). De enquête is dit kwartaal gehouden tussen 4 januari en 1 februari. Het onderzoek wordt uitgevoerd voor het kabinet op verzoek van de Voorlichtingsraad. Voor het kwartaalbericht maakt het SCP daarnaast gebruik van ander opinieonderzoek. De onderzoekers zijn Josje den Ridder, Paul Dekker en Pepijn van Houwelingen.
Neem contact op met de auteurs: Paul Dekker of Josje den Ridder
of
stuur een bericht naar pers@scp.nl
Vanochtend is voorafgaand aan de presentatie van het onderzoek door Kim Putters op de ambassadeursconferentie, een eerste exemplaar aangeboden aan de secretaris-generaal van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Voor haar is dit de laatste ambassadeursconferentie als SG. Zij zal binnenkort een nieuwe functie als ambassadeur in Moskou zal bekleden.
Delen op: