logo

Persbericht: Grijswaarden

03 februari 2009

Leefsituatie ouderen verder verbeterd

  • De deelname aan betaalde arbeid door 55-64-jarigen is tussen 2003 en 2006 gestegen van ruim 43% naar bijna 47%.
  • Het aandeel vrijwilligers onder 65-plussers daalt sinds 2002.

  • De koopkracht van ouderen stijgt gestaag sinds het midden jaren van de negentig en is ook tijdens de laatste economische recessie op peil gebleven.

  • Tussen 2002 en 2006 is het aantal ouderenwoningen met thuiszorg op afroep gestegen van ruim 100.000 naar bijna 130.000.

  • Het aandeel 65-plussers dat voldoende en gezond beweegt nam tussen 2000 en 2005 toe van 42% naar 52%.

  • De leefsituatie van 55-plussers is sinds 1997 verbeterd

Dit zijn enkele conclusies uit de SCP-publicatie Grijswaarden. Monitor ouderenbeleid 2008 die op dinsdag 24 juni jl. is aangeboden aan staatssecretaris dr. M. Bussemaker van VWS. Deze eerste editie van de Monitor Ouderenbeleid, onder redactie van dr. Cretien van Campen, komt in de plaats van de periodieke Rapportage ouderen.

In 2005 gaf het kabinet zijn visie op de vergrijzing van de bevolking in de Nota 64: Ouderenbeleid in het perspectief van de vergrijzing en formuleerde beleidsdoelstellingen met streefwaarden op verschillende maatschappelijke terreinen zoals arbeid, wonen, gezondheid en zorg. In de Monitor ouderenbeleid wordt gerapporteerd welke resultaten het ouderenbeleid de afgelopen twee jaar heeft geboekt. Verder wordt aangegeven hoe de resultaten van het ouderenbeleid in de toekomst kunnen worden gerapporteerd. In de monitor zijn de cijfers over 55-plussers naar drie subgroepen uitgesplitst: (werkende) 55-64-jarigen, (redelijk fitte) gepensioneerde 65-74-jarigen en (vaak kwetsbare) 75-plussers. De Monitor ouderenbeleid is opgesteld op verzoek van het ministerie van VWS.

Meer ouderen doen betaald werk

De deelname aan betaalde arbeid door 55-64-jarigen is tussen 2003 en 2006 gestegen van 43,3% naar 46,7%. Wanneer de stijging in arbeidsdeelname zich in het huidige tempo doorzet, zal de streefwaarde van het kabinet van minstens 50% arbeidsdeelname van deze groep in 2010 gehaald worden. De toenemende arbeidsparticipatie van mannen van 55-64 jaar begon in 1993-1994 met het herstel van de economische groei. De arbeidsparticipatie van vrouwen in dezelfde leeftijdscategorie vertoont al sinds het midden van de jaren tachtig een stijgende tendens, maar hun achterstand in arbeidsdeelname op de mannen is nog groot.


Aandeel oudere vrijwilligers daalt

Het aandeel vrijwilligers onder 65-plussers daalt sinds 2002. Na een aanvankelijke stijging vanaf het midden van de jaren negentig, daalt het aandeel personen dat onbetaald werk verricht ten behoeve van of georganiseerd door een instelling of vereniging. Het streven van het kabinet om vanaf 2005 het aandeel vrijwilligers onder 65-plussers constant te houden is niet gehaald. De daling heeft de laatste jaren vooral plaatsgevonden onder ouderen die geen lid zijn van een kerkgenootschap.


Inkomen ouderen stijgt

De koopkracht van ouderen (ofwel het reële gestandaardiseerde huishoudinkomen) stijgt gestaag sinds het midden jaren van de negentig en heeft geen negatieve invloed ondervonden van de economische neergang na 2003.

De inkomensongelijkheid onder de ouderen nam in de jaren 1990-1998 sterk af, steeg aanzienlijk tussen 1998 en 2000 en neemt de laatste jaren (2000-2005) weer licht toe.

Het aandeel armen onder 65-plussers (2,8%) ligt lager dan dat in de totale bevolking (6,1%). Allochtone ouderen (11,4%) en mensen met een onvolledige AOW en zonder pensioen ( 7,6%) zijn wel vaker arm dan de rest van de Nederlandse bevolking, hoewel het percentage armen onder hen afneemt.


Meer woningen voor kwetsbare ouderen

Het aantal ouderenwoningen met thuiszorg op afroep is gestegen van ongeveer 101.000 naar 129.000 tussen 2002 en 2006. Deze toename ligt echter nog onder het nagestreefde aantal van 14.000 extra woningen van dit type per jaar.

Het aantal plaatsen in kleinschalige woonvormen voor mensen met dementie zal tussen 2005 en 2010 toenemen van 4.000 naar 12.000. Het aandeel van kleinschalige woonvormen in de totale vraag naar psychogeriatrische verpleeghuiszorg neemt daarmee toe van 10% in 2005 naar 25% in 2010. Dat is meer dan het door het kabinet nagestreefde aandeel van 20% in 2010.


Ouderen bewegen meer en gezonder

Het aandeel 65-plussers dat voldoende beweegt (een half uur matig intensieve lichamelijke activiteit op ten minste vijf dagen per week) nam tussen 2000 en 2005 toe van 42% naar 52%. De streefwaarde van 50% personen die aan deze beweegnorm voldoen in 2010 werd al bereikt in 2005. Uitzondering vormen 65-plussers met een slechte gezondheid. Van hen voldoet slechts 21% aan de beweegnorm.


Materiële leefomstandigheden verbeterd sinds 1997, geluk gedaald sinds 2001

De materiële leefomstandigheden van 55-plussers zijn de laatste tien jaar gestegen volgens de Leefsituatieindex van het SCP. De score op de leefsituatie-index van ouderen is in de laatste tien jaar meer gestegen dan die van de totale bevolking, waarbij moet worden aangetekend dat de scores van ouderen gemiddeld lager liggen.

Het aandeel 55-plussers dat zich gelukkig voelt, steeg gestaag tussen 1997 en 2001. Het aandeel gelukkigen onder 65-74-jarigen bleef tussen 2001 en 2005 stabiel rond de 86%. Het aandeel gelukkige 55-64-jarigen daalde in diezelfde periode van 88% naar 85% en het aandeel gelukkige 75-plussers van 82% naar 77%.


 







Home / Publicaties / Alle publicaties / Publicaties 2008 / Grijswaarden / Persbericht: Grijswaarden

Menu