logo

Persbericht 'Werkloos in crisistijd'

15 december 2009

Mogelijke financiële en sociale gevolgen van werkloosheid

Werkloos in crisistijd. Baanverliezers, inkomensveranderingen en sociale gevolgen; een verkenning.

  • Jongeren hebben een grotere kans op werkloosheid, maar bij werkloze ouderen duurt het langer voor ze een baan vinden.

  • De gevolgen van werkloosheid voor het besteedbaar inkomen kunnen sterk uiteenlopen. Sommige groepen gaan er in de WW ongeveer de helft in inkomen op achteruit, bij andere is dat slechts 13%.

  • Het aandeel van het inkomen dat men aan woonlasten kwijt is loopt in de WW soms sterk op. Bij ongeveer 330.000 huishoudens loopt de woonquote als men werkloos wordt naar verwachting op tot meer dan 30%.

  • De economische recessie gaat naar verwachting samen met een afname in tevredenheid en geluk, minder huwelijken en geboorten, en meer echtscheidingen en zelfdodingen.


Dit zijn enkele conclusies uit de SCP-publicatie Werkloos in crisistijd - Baanverliezers, inkomensveranderingen en sociale gevolgen; een verkenning , onder redactie van dr. J.C. Vrooman. In deze studie is nagegaan welke mensen tijdens de huidige recessie het meeste risico lopen hun baan te verliezen. Ook is onderzocht hoe werkloosheid het inkomen van huishoudens beïnvloedt, en hoe dit doorwerkt in het (on)welbevinden van de bevolking. Voor dit rapport is geen nieuw onderzoek verricht, maar gebruik gemaakt van bestaande gegevens.

Jongeren hebben grootste kans op werkloosheid

Jongeren tot 25 jaar lopen het meeste risico op werkloosheid. Een deel van hen is schoolverlater, en voor hen is het in tijden van recessie moeilijker een positie op de arbeidsmarkt te verwerven. Het werkloosheidsrisico bij werkende jongeren is bovendien hoog doordat zij vaak een flexibel contract hebben en dus gemakkelijk ontslagen kunnen worden. Dat geldt in het bijzonder voor jongeren van niet-Westerse herkomst, van wie 42% een flexibele aanstelling heeft.

Werkloze ouderen vinden minder snel werk

Werknemers van 55 jaar en ouder hebben een veel kleinere kans werkloos te raken dan jongeren. Als zij werkloos worden is dat echter vaak langdurig. De gemiddelde duur van het vinden van een baan van deze groep was in de achterliggende jaren drie tot ruim zes jaar; bij jongeren was dat vier tot zeven maanden. Werkgevers vinden ouderen relatief duur, en pogingen tot re-integratie van oudere werklozen zijn tot nu toe nauwelijks succesvol.

WW korter, sociaal minimum lager geworden

Mensen die werkloos worden hebben minder inkomensbescherming dan vroeger. De WW-uitkering duurt korter dan voorheen (3 tot 38 maanden) en is ook gedaald. Rekening houdend met de inflatie lag het sociaal minimum (bijstand, kinderbijslag en toeslagen) in 2007 voor veel typen huishoudens onder het niveau van 1980. Omdat het doorsnee inkomen de afgelopen dertig jaar groeide, is het besteedbaar inkomen van bijstandontvangers verhoudingsgewijs achtergebleven.

Veel mensen vinden WW en bijstand onvoldoende

In 2008 vond bijna een derde van de bevolking (32%) dat de Werkloosheidswet (WW) onvoldoende is. Ongeveer de helft (47%) vond de bijstandsuitkering (WWB) niet toereikend. De mate van ontevredenheid over de uitkeringen varieert met de economische conjunctuur, maar is ook beïnvloed door wijzigingen in de regelingen, zoals de afschaffing van de vervolguitkering in de WW in 2003.

Sommige mensen gaan er in de WW procentueel meer op achteruit dan andere

Hoewel iedereen er in de WW bruto 30% op achteruit gaat, zijn er grote verschillen in de gevolgen voor het besteedbaar huishoudensinkomen. De terugval is relatief groot bij mensen die meer verdienden dan het maximumdagloon, de bovengrens van de WW (ongeveer een op de zeven werknemers in de marktsector).

Zo ziet een alleenstaande die 70.000 euro verdiende zijn besteedbaar inkomen in de WW met ca. 50% afnemen.


Een alleenstaande huurder met een bruto loon rond de 20.000 euro gaat er per saldo echter maar 13% op achteruit. Dat komt doordat hij geen recht op huurtoeslag had toen hij nog werkte, maar daar in de WW volledig recht op krijgt.

Als men werkloos wordt, stijgt de woonquote soms scherp

Huishoudens met een eigen woning waar één brutoloon van 21.000-25.000 euro binnenkomt zijn gemiddeld 23 tot 28% van hun inkomen kwijt aan hypotheekrente. Als zij in de WW belanden stijgt die 'woonquote' tot 33 à 42%. Dat komt doordat deze mensen minder hypotheekrente kunnen aftrekken, en een te hoge WW-uitkering hebben om bij de gemeente in aanmerking te komen voor woonkostentoeslag. In de marktsector lopen ongeveer 156.000 huishoudens met een eigen woning het risico op een woonquote boven de 30% als men werkloos wordt.

Bij huurders doet dit probleem zich voor bij alleenstaanden met een brutoloon rond 28.000 euro. In de WW komen zij niet in aanmerking voor huurtoeslag; het maximum-inkomen dat daar recht op geeft is bij alleenstaanden verhoudingsgewijs laag. Als deze groep werkt is men 27% van het inkomen kwijt aan woonlasten, in de WW loopt de woonquote op tot 37%. Bij ongeveer 15% van de huurders waarvan het hoofd van het huishouden in de marktsector werkt (174.000 huishoudens) kan de woonquote in de WW boven de 30% uitkomen.

Gedeelde smart is geen halve smart

In jaren dat de werkloosheid hoog is zijn mensen minder gelukkig en minder tevreden met het leven. Dit geldt zowel voor werklozen als voor werkenden. Dat iemand in een periode van recessie samen met vele anderen werkloos is, houdt dus niet in dat 'gedeelde smart halve smart is', maar geeft juist een extra verlaging van het welbevinden.

Meer zelfdoding

De ernst van het verschijnsel en de problemen die erachter schuilgaan (isolement, depressies en andere psychische problemen) maken zelfdoding een belangrijke indicator voor sociale problemen. In de periode 1980-2007 ging een stijging van de werkloosheid samen met een toename van het aantal zelfdodingen. In deze decennia schommelde het aantal zelfdodingen tussen de 1350 en 1900. Verwacht kan daarom worden dat de huidige recessie gepaard gaat met een toename van het aantal suïcides en suïcidepogingen, en een verergering van de onderliggende problematiek. Wel is het verband complex: werkloosheid leidt tot meer zelfdodingen, maar mensen met suïcideneigingen en psychische problemen hebben ook een grotere kans op werkloosheid.

Economische crisis beïnvloedt relatie- en gezinsvorming

Groeiende werkloosheid gaat samen met minder huwelijkssluitingen, minder geboorten en meer echtscheidingen. Als dit niet bijtrekt wanneer de economie herstelt, kan de huidige recessie op de langere termijn doorwerken in vraag en aanbod op de arbeidsmarkt en de financierbaarheid van de collectieve voorzieningen beïnvloeden.



SCP-publicatie 2009/19, Werkloos in crisistijd - Baanverliezers, inkomensveranderingen en sociale gevolgen; een verkenning , Cok Vrooman (red.), Den Haag, Sociaal en Cultureel Planbureau, December 2009, ISBN 978 90 377 0451 8, prijs € 17,50 .

 

Home / Publicaties / Alle publicaties / Publicaties 2009 / Werkloos in crisistijd / Persbericht 'Werkloos in crisistijd'

Menu