Burgers die zich ongehoord voelen steunen vaker harde acties

Er is meer steun voor harde acties tegen de overheid bij mensen die weinig vertrouwen hebben in de politiek en vinden dat de politiek niet naar hen luistert. Bijna één op de vijf Nederlanders vindt zelfs dat de overheid zo slecht functioneert, dat het hele systeem maar het beste omvergeworpen kan worden. Dat mensen harde acties steunen, betekent echter niet dat ze ook zelf in actie komen. Dat doen de meeste mensen niet. Verreweg de meeste Nederlanders steunen het recht om te demonstreren, maar keuren geweld of ordeverstoringen bij demonstraties en protest af. Dit blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) dat vandaag verschijnt. 

Beeld: ©ANP/Peter Hilz

Dit onderzoek naar de mening van burgers over protesten en demonstraties is onderdeel van een nieuwe editie van het Continu Onderzoek Burgerperspectieven (COB). Met het COB onderzoekt en verklaart het SCP meerdere keren per jaar waarover burgers zich zorgen maken, wat ze belangrijk vinden en hoe ze het vinden gaan met de maatschappij en de politiek. 

Geen onvoorwaardelijke steun voor demonstraties

Naast het uitbrengen van je stem bij verkiezingen is demonstreren en protesteren een manier voor mensen om hun stem te laten horen. Hoewel het aandeel Nederlanders dat meedoet aan protesten klein is  - zes procent -  is het aantal demonstraties de laatste jaren flink toegenomen.

Twee derde van de Nederlanders (65 procent) steunt het vreedzaam hinderen van de regering door protesten en demonstraties. Dat aandeel is de laatste jaren stabiel gebleven. Gewelddadige demonstraties waarbij bijvoorbeeld vuurwerk wordt gegooid of auto’s worden vernield, worden echter door bijna iedereen afgekeurd. De steun voor vreedzame demonstraties blijkt overigens niet alleen een principiële aangelegenheid. Mensen die het inhoudelijk niet eens zijn met het onderwerp van de demonstratie, zijn iets vaker geneigd om een demonstratie af te keuren. 
 

Weinigen bereid zelf in actie te komen 

Twaalf procent van de Nederlanders geeft aan dat de kans groot is dat ze zelf in actie komen als de Tweede Kamer een wetsvoorstel behandelt dat ze zeer onrechtvaardig of verkeerd vinden. De grootste groep (72 procent) geeft aan dat die kans klein is. Bijvoorbeeld omdat ze denken dat het geen zin heeft, ze vinden dat er andere manieren zijn om afkeuring te uiten (zoals verkiezingen of het tekenen van een petitie) of omdat ze zich neerleggen bij de uitkomsten van het democratisch proces.
 

Aandacht voor minderheid die harde acties steunt

Bijna één op de drie Nederlanders geeft aan dat er hardere actie nodig is tegen de overheid als ze keer op keer niet luistert. Achttien procent vindt dat de overheid zo slecht functioneert dat het hele systeem het beste omvergeworpen kan worden. Zes procent geeft aan dat de overheid het verdient om hard (desnoods met geweld) aangepakt te worden. Voor de meeste mensen blijkt de steun voor harde acties voort te komen uit onvrede over het functioneren van de politiek, de opeenstapeling van maatschappelijke en sociale problemen in Nederland en het aanhoudende gevoel dat de politiek niet naar mensen luistert. Mensen die zich niet gehoord voelen, vinden vaker dat de overheid het verdient om hard te worden aangepakt.

Hoewel de meeste mensen geweld afkeuren en het steunen van acties iets anders is dan er zelf aan meedoen, is het goed om toch stil te staan bij het feit dat een minderheid harde acties wel steunt. Ook als maar een klein deel daadwerkelijk tot actie overgaat, kunnen gewelddadig en antidemocratisch gedrag de democratische rechtsstaat ondermijnen. De meeste mensen benadrukken echter dat er vreedzame en democratische manieren zijn om onvrede te uiten of verandering teweeg te brengen. Zo kan voor een deel van de mensen het systeem al ‘omvergeworpen’ zijn door de val van het kabinet-Rutte IV en de daaropvolgende verkiezingen. Er is echter nader onderzoek nodig om te kunnen aangeven wat mensen concreet verstaan onder hard aanpakken en het omverwerpen van het (overheid)systeem.