Het Sociaal en Cultureel Planbureau bracht in april 2020 de studie Ervaren discriminatie in Nederland II uit om te onderzoeken in welke mate mensen in Nederland discriminatie ervaren, op welke terreinen dat gebeurt en hoe dit zich verhoudt tot vijf jaar eerder. Het rapport laat zien dat ongeveer 27 % van de Nederlandse bevolking aangeeft dat zij één of meer situaties van discriminatie heeft meegemaakt, een percentage dat vergelijkbaar is met de vorige meting in 2013.
Discriminatie wordt daarbij niet alleen gezien als objectieve ongelijke behandeling, maar juist als ervaren onrechtvaardigheid en uitsluiting, wat op zichzelf al een psychologische en sociale impact heeft. Er zijn duidelijke verschillen tussen groepen en terreinen. Zo ervaren mensen met een niet-westerse migratieachtergrond, personen met een beperking en LGB-personen vaker discriminatie dan gemiddeld.
Gevolgen significant
Opvallend is vooral de toename van ervaren discriminatie in het onderwijs; ongeveer één op de zeven scholieren en studenten meldt discriminatie, variërend van pesten en uitschelden tot geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag. De gevolgen van ervaren discriminatie zijn significant: mensen kunnen zich terugtrekken uit sociale activiteiten, hun vertrouwen in instituties verliezen, eerder stoppen met studie of ontmoedigd raken bij het zoeken naar werk.
Verschuivingen
Ondanks het feit dat het totale percentage aan ervaren discriminatie niet is gestegen, zijn er verschuivingen in wie waar en waarom discriminatie ervaart, met een grotere rol voor geslacht en beperking als discriminatiegronden. Het rapport toont aan dat een echt inclusieve samenleving in Nederland ondanks meer aandacht voor en bewustzijn rond discriminatie nog ver weg is, vooral voor groepen die herhaaldelijk negatieve ervaringen melden.
Waarom dit onderzoek?
Ervaren discriminatie raakt aan fundamentele principes van gelijkheid en sociale participatie. Wanneer een aanzienlijk deel van de bevolking zich onheus behandeld voelt, ondermijnt dat het vertrouwen in de samenleving als geheel. Dit gevoel kan immers sociale uitsluiting, terugtrekking uit onderwijs of arbeidsmarkt en verlies van vertrouwen in instituties veroorzaken. Het beleid kan pas effectief worden als ervaringen van discriminatie goed worden gemeten en begrepen.
Het rapport maakt zichtbaar welke groepen systematisch meer discriminatie ervaren en op welke terreinen dat gebeurt, Denk aan onderwijs, werk, publieke ruimte en instellingen. Door deze ervaringen en verschillen gedetailleerd in beeld te brengen, kunnen beleidsmakers, onderwijsinstellingen en werkgevers gerichte maatregelen ontwikkelen om sociale uitsluiting tegen te gaan en inclusie te bevorderen.
Het SCP-rapport is gebaseerd op een grootschalige vragenlijst die naar 8.536 mensen in Nederland ging, en waarin respondenten werd gevraagd naar concrete ervaringen met discriminatie in verschillende contexten, van publieke ruimte tot onderwijs en werk. Daarbij konden mensen ook aangeven of zij twijfelden of er sprake was van discriminatie. Dat is een belangrijk element, omdat ook de perceptie van discriminatie zelf maatschappelijke consequenties kan hebben.
- Ervaren discriminatie: ED 2013, 2018
- Enquête beroepsbevolking (EBB) - CBS
- Stelsel van sociaal-statistische bestanden (SSB) - CBS
Auteurs
Iris Andriessen, Justin Hoegen Dijkhof, Ab van der Torre, Esther van den Berg, Ine Pulles, Jurjen Iedema en Marian de Voogd-Hamelink
