Het SCP heeft onderzocht of een kwantitatief instrumentarium voor welbevinden beschikbaar is of kan worden ontwikkeld, om de brede welvaartsdoelstellingen van beleid op te stellen en te monitoren.
Dit is deelonderzoek 1 en gaat over bestaande conceptuele modellen en analysemethoden.
Waarom dit onderzoek?
Deze tussenrapportage is het eerste deelonderzoek van een groter project met als stip op de horizon een instrumentarium om de sociaal-maatschappelijke consequenties van beleid inzichtelijk te maken. Het gaat in dit geval over subjectief welbevinden, en er wordt gekeken of een dergelijk kwantitatief instrumentarium al bestaat.
Beleidskeuzes en -maatregelen hebben vaak grote sociaal-maatschappelijke gevolgen voor het dagelijks leven van mensen. Vanuit het perspectief van brede welvaart (SWB, de waardering van het eigen leven) is het van belang dat beleidsmakers deze gevolgen integraal meewegen, naast de meer traditionele financieel-economische overwegingen.
De conclusie in deze tussenrapportage stelt dat voor een conceptueel SCP-model van welbevinden met een bijbehorende analysemethode, inspiratie opgedaan kan worden uit de gevonden conceptuele modellen. Maar deze kunnen niet een op een worden overgenomen. Het SCP zal dus zelf een conceptueel model moeten ontwikkelen om de consequenties van beleid op SWB door te rekenen voor de situatie in Nederland – eventueel ook met een landenvergelijking.
Voor dit deelonderzoek is een literatuuronderzoek (scoping review) uitgevoerd met als doel bestaande conceptuele modellen te vinden die gebruikt worden om effecten van beleid op welbevinden of autonome ontwikkelingen door te rekenen en om te onderzoeken welke methoden en determinanten er binnen die modellen gebruikt worden.
