Sociale conflicten verharden doordat opvattingen vaak gekoppeld zijn aan iemands identiteit. Probeer de verschillen van mening niet weg te werken, maar erken ze en zet ze in om tot gezamenlijke oplossingen te komen, schrijft SCP-directeur Karen van Oudenhoven.
Beeld: © ANP
Inwoners die protesteren tegen de komst van een azc, straatblokkades voor een beter klimaat, boerenacties tegen stikstof. De emoties over groepen met andere opvattingen lopen soms hoog op. Dat komt mede doordat opvattingen tegenwoordig sterk verbonden zijn aan één identiteit: de inwoner van een dorp, de klimaatactivist, de boer. Bedreiging van die identiteit roept reacties op van afweer en verzet, wat vervolgens weer tegenreacties oproept. Sociale media stoken dit vuurtje van ‘actie en reactie’ nog eens op.
In een recent interview in het FD en in haar essay in De Groene Amsterdammer naar aanleiding van haar nieuwe boek De symfonie van onvrede (2026) vertelt politicoloog Catherine de Vries hoe een verschil van opvatting zelfs tot vervreemding binnen een familie kan leiden (FD, 14 maart).
Gedeelde wereld
Ze spreekt uit ervaring en beschrijft het moeizame contact met haar vader die PVV stemde en opvattingen heeft waarmee zij zich niet kan vereenzelvigen. Juist dan is het belangrijk om elkaar in een gedeelde wereld te blijven ontmoeten, benadrukt De Vries, en met elkaar in gesprek te blijven: ‘We gaan er vaak van uit dat democratisch samenleven vraagt om meer debat, meer argumenten en meer overtuigingskracht, maar wat als het soms juist vraagt om iets anders: het vermogen om verschil te laten bestaan zonder het onmiddellijk te willen oplossen?’
Het zijn wijze woorden van De Vries. Daarom is mijn pleidooi om in besluitvorming veel meer recht te doen aan verschillende identiteiten in plaats van te streven naar consensus. Om de opvattingen die samenhangen met die identiteiten juist te gebruiken als input voor het oplossen van maatschappelijke vraagstukken, in plaats van te proberen het telkens weer met elkaar eens te worden.
De gedachte dat je de perspectieven die samenhangen met verschillende identiteiten kunt benutten bij het ontwikkelen van nieuwe werkwijzen of het vinden van oplossingen is niet nieuw. Organisatiepsychologen passen dit inzicht toe om vanuit de diverse identiteiten van medewerkers te komen tot betere organisatiemethoden. De insteek daarbij is om onderlinge verschillen niet te overbruggen, maar juist uit te diepen als ingrediënt voor nieuwe werkwijzen.
Geen erkenning
De Vries geeft aan dat de vervreemding van haar vader ten opzichte van de politieke middenpartijen in belangrijke mate te maken had met het feit dat hij zich in zijn werk als boer onvoldoende gewaardeerd en erkend voelde door de overheid. Ook het huidige discours over boeren gaat vaak over de boer als vervuiler en niet als iemand die bijvoorbeeld zinvol bijdraagt aan onze voedselvoorziening.
Verandering die ingrijpt op je identiteit is lastig tenzij er een logische verbinding gelegd wordt tussen de oude situatie en de nieuwe. Zonder die verbinding voelt verandering puur als verlies.
Dat gevoel van verlies is bij veel mensen in de agrarische sector aan de orde. Door bij de inrichting van de leefomgeving niet alleen boeren maar ook natuurliefhebbers en bewoners te bevragen op de elementen die voor hen belangrijk zijn in de omgeving en die met elkaar te delen, voelen zij zich serieus genomen en ontstaat gemakkelijker onderlinge verbinding. Voorwaarde is wel dat hun inbreng vervolgens ook een serieuze plaats krijgt in een nieuw ontwerp voor de toekomst.
Drie teams
Hoe een dergelijke verbinding kan ontstaan wordt mooi geïllustreerd door een voorbeeld dat ik jaren geleden op een congres hoorde rond de komst van een azc in een bepaalde gemeente. Actieve buurtbewoners in die gemeente organiseerden zich in drie groepen op basis van hun houding tegenover het azc. Team groen bestond uit voorstanders die zich richtten op de vraag wat de buurt kon doen om te zorgen dat de vluchtelingen zich welkom voelden. Team rood bestond uit tegenstanders. Zij werkten een plan uit waardoor het aantal vluchtelingen dat werd opgevangen behapbaar bleef. Team oranje, tot slot, – het midden – kwam met maatregelen om de veiligheid in de buurt te borgen.
Voor- en tegenstanders werden op deze manier erkend in hun identiteit en die identiteiten werden vertaald naar een eigen bijdrage in de opvang van asielzoekers. Het gezamenlijk werken aan oplossingen zorgde ervoor dat mensen ondanks hun verschillende opvattingen met elkaar in verbinding bleven.
Mening voorop
In de huidige tijd van individualisering en constante informatiestromen vormen we snel een mening over kwesties. Ook aarzelen we niet om voor onze mening uit te komen. Opvattingen lijken daardoor in veel situaties een belangrijker bestanddeel van onze identiteit dan het feit dat we lid zijn van dezelfde familie of dezelfde gemeenschap.
Laat dat aspect van onze identiteit geen splijtzwam zijn, maar laten we onze opvattingen verbinden met die van anderen. Met als doel samen tot betere antwoorden te komen op maatschappelijke uitdagingen. Door, zoals De Vries het zo mooi beschrijft: ‘te blijven verschijnen in een gedeelde wereld’.
Over deze opiniebijdrage
Karen van Oudenhoven is directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Ook is zij hoogleraar maatschappelijke veerkracht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Deze column van Karen van Oudenhoven verscheen op 20 april 2026 op de website van het Financieel Dagblad.