Komen we elkaar nog tegen of leven we vooral in onze eigen bubbels? Met dit rapport hoopt het SCP bij te dragen aan het debat over hoe het voortgezet onderwijs zo georganiseerd kan worden dat zowel individuele leerling- en schoolbelangen als de maatschappelijke doelstellingen van het onderwijs optimaal worden gediend. Onderwijs is niet alleen een voorbereiding op het samenleven in een diverse, complexe samenleving, maar maakt daar ook zelf deel van uit.
Dit onderzoek geeft antwoord op de volgende twee vragen. In welke mate is in het voortgezet onderwijs sprake van institutionele en sociale gescheidenheid en wat zijn daarvan mogelijke oorzaken? En, wat is de invloed daarvan op het realiseren van de verschillende doelen van het onderwijs?
Uit het onderzoek blijkt dat door een optelsom aan individuele keuzes van schoolbesturen en ouders een gesegregeerd onderwijsaanbod is ontstaan waardoor leerlingen met uiteenlopende achtergronden vaak elk naar hun eigen school gaan. Dat maakt dat leren omgaan met ‘de ander’ niet plaatsvindt op school en dat kan uiteindelijk leiden tot grotere afstand tussen groepen in de samenleving. Het voortgezet onderwijs staat op deze manier ver af van haar doel om leerlingen als burgers te leren samenleven in een complexe en diverse samenleving.
Waarom dit onderzoek?
De aanleiding voor het onderzoek is de zorg over een maatschappelijke tweedeling die grotendeels loopt langs de lijn van opleidingsniveau. Hoger- en lageropgeleiden leven ruimtelijk en sociaal veelal langs elkaar heen, verschillen sterk in opvattingen en participatie, en deze tweedeling zou de sociale cohesie onder druk zetten.
Onderzocht is of het onderwijs deze tweedeling kan tegengaan of mitigeren.
Het huidige schoolaanbod ontstaat door demografische ontwikkelingen, praktische mogelijkheden en keuzes van schoolbesturen en ouders. Vooral in grote steden leidt dit tot smal onderwijs. Dit sluit minder goed aan bij de maatschappelijke taak van het onderwijs om burgerschap en sociale samenhang te bevorderen. Meer sturing vanuit overheid en gemeenten is wenselijk, net als bewustwording bij ouders over de waarde van breder onderwijs.
Het onderzoek is uitgevoerd met een combinatie van kwantitatieve en kwalitatieve methoden. Eerst is een kwantitatieve analyse gedaan van registerdata om de samenstelling van alle schoolvestigingen in het voortgezet onderwijs en de leerlingenpopulaties in kaart te brengen. Daarna zijn individuele interviews met schoolbestuurders gehouden en focusgroepen georganiseerd met schooldirecteuren, docenten en ouders. In totaal namen 100 respondenten deel aan het onderzoek.
- CBS Statline
- CBS Microdata
- DUO Open onderwijsdata
Download de publicatieAuteurs
Ria Vogels, Monique Turkenburg en Lex Herweijer.