Het is goed voor 16- tot 24-jarigen om actief mee te doen in de samenleving. Maar er zitten ook grenzen aan die participatie. Vooral jongeren die intensieve mantelzorg bieden aan een ziek familielid of een naaste ervaren veel tijdsdruk en een lager welbevinden. Dit blijkt uit onderzoek van SCP.
Er zijn op dit moment ongeveer 2 miljoen Nederlandse jongeren van 16 tot 24 jaar. Zij doen bijna allemaal actief mee in de samenleving. Ze gaan naar school, hebben een (bij)baan en doen vrijwilligerswerk of mantelzorg. Driekwart van de jongeren combineert verschillende zaken; vaak school en werk. Vooral de jongeren tussen de 16 en 20 jaar, de jongeren zonder migratieachtergrond en jongeren met minstens een havo-, vwo- of mbo-2-diploma zijn op meerdere fronten actief. Ze geven aan dat ze meer tijdsdruk ervaren, maar hebben ook vaker het gevoel een steentje bij te dragen aan de maatschappij.
Ondersteuning jonge mantelzorgers
Eén op de vier jongeren tussen de 16 en 24 jaar (een half miljoen mensen) geeft mantelzorg aan een familielid of naaste die ziek is of zorg nodig heeft. De jongeren die intensief mantelzorgen (10 procent van alle jongeren, ongeveer 200.000 personen) zijn minder tevreden over hun leven, minder gelukkig en ervaren meer tijdsdruk dan anderen. Zij hebben niet altijd voldoende of de juiste kennis en vaardigheden om mantelzorg te verlenen en beknibbelen vaak op hun vrije tijd om die zorgtaken uit te voeren.
Waarom dit onderzoek?
Vanwege de vergrijzing en het tekort aan zorgpersoneel zal de druk op de mantelzorg, dus ook bij jongeren, de komende tijd alleen maar toenemen. De vraag die daarbij naar voren komt is of we als samenleving intensieve mantelzorg door jongeren vanzelfsprekend vinden. De lat ligt hoog bij jongeren. Ze worden vooral geacht zich maximaal te ontwikkelen in het onderwijs, maar ook een directe bijdrage te leveren aan de maatschappij. Bijvoorbeeld via betaald werk, vrijwilligerswerk of door hulp aan een zieke naaste: mantelzorg. De veronderstelling van beleid lijkt daarbij vooral dat meer meedoen goed is voor jongeren. Maar klopt dit wel?
In het rapport Meer meedoen is niet per se goed voor jongeren laat het SCP zien wat de gevolgen zijn voor het welbevinden van jongeren met meerdere zorgtaken en welke kansen er zijn voor overheid en gemeenten om deze jongeren meer aandacht te geven. De belangrijkste constatering van dit rapport is dat meer meedoen niet per se alleen maar goed is voor jongeren. Dat hangt namelijk af van de aard, intensiteit en diversiteit van hun participatie.
Om hun welbevinden te verbeteren, is het belangrijk dat zorgtaken van jongeren op het werk worden besproken en dat gemeenten deze jongeren ondersteunen en waarderen. Dat kan onder meer door cursussen aan te bieden over het omgaan met een zieke naaste en door waardering te uiten met bijvoorbeeld een mantelzorgcompliment.
De vraag is dan ook wat we als samenleving van jongeren kunnen en mogen vragen als het gaat om mantelzorg. De overheid kan bijvoorbeeld faciliteren dat jonge mantelzorgers goed worden ondersteund door gemeenten en werkgevers. Daarnaast kan de maatschappelijke discussie over dit thema een stap verder gebracht worden door scherp te zijn over wat wel en niet van jongeren kan worden verwacht.
We maken gebruik van data uit de survey Informele Zorg (IZG) 2019, waaruit we jongeren van 16-24 jaar geselecteerd hebben. Meer informatie over de steekproef is te vinden in bijlage A van het rapport.
Download de publicatie