Met het essay ‘Wensdenken helpt burgers niet’ laat het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) laat zien dat beleidsvorming vaak worstelt met de realiteit van het leven van burgers, omdat er onbewuste aannames en ongefundeerde ideeën in beleidslogica sluipen. Op basis van diverse SCP-studies signaleert het essay drie belangrijke valkuilen die eraan bijdragen dat beleid onvoldoende aansluit bij wat mensen daadwerkelijk ervaren en nodig hebben in hun dagelijks leven.
De eerste valkuil - stille ideologie - betreft onuitgesproken aannames over hoe burgers functioneren of wat zij belangrijk vinden, die nooit expliciet worden gemaakt of getoetst. De tweede - ideaaldenken - ontstaat wanneer ambitieuze beleidsdoelen en ideaalbeelden de realistische context van mensen overschaduwen, waardoor beleid onrealistisch wordt.
De derde valkuil – de optelsom – gaat uit van de aanname dat individuele belangen vanzelf leiden tot een collectief voordeel. In de praktijk is dat vaak niet zo: wat voor afzonderlijke burgers logisch of wenselijk is, kan bij elkaar opgeteld juist leiden tot ongewenste of tegenstrijdige maatschappelijke effecten.
Naar mensdenken
Het essay illustreert deze valkuilen met praktijkvoorbeelden, en benadrukt dat ze de effectiviteit van beleid ondermijnen en het vertrouwen van burgers in de overheid kunnen schaden. Daarom pleiten de auteurs voor twee stappen in het beleidsproces: eerst een expliciete bewustwording van de onderliggende aannames, en vervolgens het systematisch toetsen en bevragen daarvan.
Door reflectievragen te gebruiken en aannames met feiten en ervaringen te confronteren, kan beleid beter worden afgestemd op wat mensen echt nodig hebben. Het uiteindelijke doel is effectiever en legitiemer beleid dat de kloof tussen beleidswereld en leefwereld overbrugt – van wensdenken naar mensdenken.
Waarom dit onderzoek?
Onbewuste denkpatronen in beleid kunnen ertoe leiden dat maatregelen hun doel voorbijschieten en in de praktijk onvoldoende uitwerking hebben. Als beleid niet aansluit bij de leefwereld van mensen, kan dit niet alleen leiden tot ineffectieve oplossingen, maar ook het vertrouwen in overheidsinstellingen ondermijnen, en dat in een tijd waarin dat vertrouwen al onder druk staat. Dit raakt de kern van democratische legitimiteit en versterkt het gevoel bij burgers dat ze niet gehoord worden.
Vrijwel elke tak van overheidsbeleid – van zorg en onderwijs tot sociale zekerheid en arbeid – heeft baat bij een diepgaand begrip van hoe mensen hun leven vormgeven. Wanneer beleidsmakers zich niet bewust zijn van hun eigen aannames of idealen, kan beleid onbedoelde negatieve effecten hebben of groepen uitsluiten. Door het perspectief van burgers een reële plek in het proces te geven, kan beleid niet alleen effectiever worden, maar ook rechtvaardiger en duurzamer.
Dit is een reflectief en conceptueel essay, geen empirische studie of nieuwe analyse. De auteurs baseren zich op bestaande inzichten uit verschillende onderzoeken en beleidsanalyses, om zo patronen en valkuilen te identificeren die in beleidsvorming steeds terugkomen. Aan de hand van deze inzichten worden drie valkuilen geconcretiseerd met voorbeelden, en verklaart het essay hoe de valkuilen de uitwerking en uitvoering van beleid kunnen ondermijnen. Daarnaast worden reflectievragen en stappen voorgesteld om deze valkuilen in de praktijk te herkennen en te vermijden.
Auteurs
Sabine Peters, Anne Roeters, Wieke Blijleven, Fieke Wagemans, Roel Willems
Gerelateerde publicaties
Onderzoeksverslag Effecten van beleid op welbevinden
Lees verderReflectie brede welvaart: Prinsjesdag 2024
Lees verderBeleidsvisies, burgervisies en gedragingen
