Mantelzorg is van grote waarde in de Nederlandse samenleving, waarin de zorgvraag toeneemt en de formele zorg onder druk staat. Steeds vaker kijkt de overheid daarom naar wat mensen voor een ander kunnen en willen betekenen. Maar bereidheid alleen is niet voldoende: of iemand daadwerkelijk mantelzorg kan geven, hangt af van de eigen situatie, de beschikbare tijd en andere verantwoordelijkheden.
Met dit rapport is in kaart gebracht hoeveel ruimte er in de samenleving is om mantelzorg te verlenen. Daarbij is niet alleen gekeken naar de bereidheid om voor een ander te zorgen, maar ook of mensen over voldoende tijd en gezondheid beschikken om dit te doen. De uitkomsten laten zien dat deze mogelijkheden niet voor iedereen hetzelfde zijn. Zo is gezondheid voor mensen met een laag inkomen veel vaker een beperking dan voor mensen met een hoog inkomen.
De centrale vraag in dit onderzoek is hoe de randvoorwaarden voor mantelzorg kunnen worden verbeterd. Pas wanneer deze op orde zijn kunnen we spreken van toekomstbestendige mantelzorg. Samen met mantelzorgers en beroepsexperts zijn vijf beleidsopties verkend die hieraan kunnen bijdragen.
Waarom dit onderzoek?
Door de vergrijzing in de Nederlandse samenleving en de tekorten in de formele zorg zijn de beleidsmatige verwachtingen van mantelzorg de afgelopen jaren toegenomen. Mantelzorg is daarmee een belangrijke pijler van het Nederlandse zorgstelsel en iets waar veel mensen vroeg of laat mee te maken krijgen. Daarom is het belangrijk om inzicht te krijgen in de bereidheid en de mogelijkheden die mensen hebben om mantelzorg te verlenen en de manieren waarop de randvoorwaarden voor het geven van mantelzorg kunnen worden verbeterd.
De komende decennia neemt de zorgvraag naar verwachting verder toe. De overheid ziet het sociale netwerk als een belangrijke bron van ondersteuning voor naasten met een zorgvraag. Veel mensen in Nederland zijn bereid om een stap naar voren te zetten wanneer een ouder, kind, partner, vriend of buurman tijdelijk niet voor zichzelf kan zorgen. De combinatie van mantelzorg met andere verantwoordelijkheden, zoals betaald werk, een gezin of een opleiding, kan echter leiden tot combinatiedruk. Het is dus niet altijd vanzelfsprekend dat mensen die mantelzorg willen verlenen, dat ook kunnen. Daarom is het belangrijk dat de verwachtingen van de overheid en het beleid dat daaruit voortkomt, aansluiten bij de mogelijkheden en omstandigheden van mensen die mantelzorg verlenen. Zo kan mantelzorg ook in de toekomst duurzaam worden gegeven.
Voor dit onderzoek hebben we kwantitatieve en kwalitatieve onderzoeksmethoden gecombineerd. Een grootschalige enquête gaf inzicht in de bereidheid en mogelijkheden om (extra) mantelzorg te verlenen. In twee cocreatieworkshops hebben mantelzorgers en beroepsexperts samen nagedacht over toekomstbestendige mantelzorg. Welke factoren en ervaringen spelen een rol bij de bereidheid en mogelijkheden om mantelzorg te verlenen? En welke beleidsopties zijn kansrijk om de randvoorwaarden voor het geven van mantelzorg te versterken? Door beide methoden te combineren, ontstaat zowel inzicht in de mate van bereidheid en de mogelijkheden om mantelzorg te verlenen als in de factoren die daarop van invloed zijn. Beleidsopties die als veelbelovend worden gezien door de deelnemers aan het cocreatietraject én worden ondersteund door de (wetenschappelijke) literatuur zien we als kansrijk.
- Informele Hulp en Ondersteuning (IHO’24)
Dit onderzoeken we ook
Eerder dit jaar publiceerde het SCP de rapporten ‘Mantelzorg in beweging: Kerncijfers en trends, 2014-2024’ en ‘Op zoek naar verbinding: perspectieven op het combineren van betaald werk en mantelzorg’. In het laatste kwartaal van 2026 verschijnt het rapport ‘De dagelijkse realiteit en (gewenste) ondersteuning van mantelzorgers met een grote zorgtaak: Intensieve helpers en centrale verzorgers in beeld’.


